Klinische proeven
Nieuw: IS VARICELLA ZOSTER VIRUS ECHT BETROKKEN BIJ HET ONTSTAAN VAN MS?
Naar aanleiding van een onderzoek in Mexico City waarbij in het hersenvocht van personen met MS, onmiddellijk na een opflakkering DNA-stukjes van Varicella Zoster virus gevonden werden, wordt bovenstaande vraag geformuleerd.
Wij vatten de discussie over virussen en ontstaan van MS voor u samen.MS is een chronische ontsteking van het centraal zenuwstelsel die gepaard gaat met demyelinisatie.
Steeds weer wordt beweerd dat virussen het immuunsysteem prikkelen en zo een auto-immuun proces op gang brengen dat wij MS noemen.
Ook apoptosis (geprogrammeerde celdood) komt voor bij MS en kan door virussen uitgelokt worden. Virussen kunnen ook na jaren inactiviteit plots weer actief worden, hetgeen past bij het MS-verloop.
Sommige diermodellen voor MS kunnen uitgelokt worden door een virus bv. Theiler’s virus, het muis hepatitis virus of het Visua virus.
Veel studies tonen aan dat MS ontstaat door externe factoren, bv. Bij ééneiige tweelingen krijgt maar 30 % samen MS, hoewel ze dezelfde genen hebben.
In de hersenen en hersenvocht van personen met MS zitten veel antistoffen tegen allerhande virussen. Mogen wij dan niet besluiten dat deze virussen een rol spelen?
In het verleden waren er veel onderzoekers die meenden een virus verantwoordelijk te kunnen stellen voor het ontstaan van MS. Onderzocht werden rabies-, parainfluenza- en roronavirus, retrovirus, herpesvirus en mazelenvirus. Nooit kon het verband met het ontstaan van de ziekte of met een opflakkering duidelijk aangetoond worden.
Onderzoek in de jaren 70 kon eveneens geen verband aantonen tussen MS en HSV, varicella zoster virus, cytomegalovirus, oxsachie-, echovirus, rubella, influenza A en B en coronavirus.
In het Annals of Neurology nummer van maart 2008 meld Sotelo en medewerkers dat hij in het bloed en hersenvocht van alle 15 onderzochte patiënten met MS zeshoekige deeltjes zag met de kenmerken van herpesvirus. De stalen waren allen afgenomen binnen een week na een zware opflakkering. Ook toonden d onderzoekers via antistoffen tegen Varicella Zoster Virus hun aanwezigheid aan.
PCR (een zeer specifieke laboratoriumtest) toonde eveneens varicella zoster aan.
Onderzoek van 40 controlepatiënten met ontstekingsachtige hersenaandoeningen was negatief, hier was geen virus.
Deze bevindingen zijn merkwaardig en tonen als ze bevestigd worden in andere laboratoria het verband tussen ziekteactiviteit en varicella zoster virus bij MS.
Toch blijven er nog vraagtekens. In autopsiemateriaal werden deze viruspartikels nooit gevonden. Aanvullend onderzoek met nieuwe DNA-technieken is hier nodig.
Varicella Zoster virus wordt maar zelden of nooit gekweekt uit hersenvocht van personen die een neurologische aandoening hebben die zeker met Varicella Zoster virus samenhangt, bv. Myelitis. Mogelijk heeft Sotelo dan toch gelijk. Mogelijk bevindt het virus zich op een andere plaats vb. in de ganglia, of zit het latent in B- of T- lymfocyten.
Tot slot worden een aantal bijkomende testen en proeven aangeraden die de bevindingen van de onderzoekers in Mexico moeten bevestigen.
Het onderzoek toont aan dat de oplossing van het MS-probleem wel eens uit een hoek zou kunnen komen waarvan men dacht dat hij al grondig onderzocht was. De hypothese MS-activiteit wordt veroorzaakt door een virus (m.n. Varicella Zoster virus) wordt door deze nieuwe bevindingen weer heel actueel.Bron: 1. Is Varicella Zoster Virus Really involved in the pathogenesis of MS?
Donald H. Gilden Ann. Neurol. 2008;63;269-2712. Varicella Zoster virus in Cerebrospinal Fluid at relapses in MS.
Julio Sotelo et all.
Ann. Neurol. 2008;63;303-311
Proeven(trials) gaande aan de U-Hasselt-Biomed Dr. R. Medaer, waar nog mogelijkheid is tot instappen:
Fase III- proef: Titel: A.RANDOMISED, multicenter, double blind, placebo controlled, dose comparison study to determine the Efficacy and safety of BG 00012 in Subjects with relapning-remitting MS.
Het gaat om het gebruik van dimetylfumaraat - een immunomodulerend middel dat reeds met goed gevolg gebruikt wordt bij psoriasis.
Doelgroep: mensen met MS r.r. type, 18 - 55 jaar, EDSS 0,0 tot 5,0, moet een opflakkering gehad hebben het laatste jaar of een reactie aktieve MRI scan hebben.
Duur: 2 jaar
Meer informatie bij Anne Bogaers - research nurse Biomed - 0032 11 26 93 95
Fase II- proef: Titel: DOUBLE BLIND, placebo controlled, fandomised, paralel group phase II study in subjects with r.r. MS to evaluate safety, tolerability and effect of 2 doses CDP 323 over 24 weeks with a rater-blind MRI follow up over 12 weeks.
CDP323 is een middel onder pilvorm toegediend - het veroorzaakt op de wand van witte bloedcellen een blokkade van een receptor (x 4-integrive).
Hierdoor kunnen witte bloedcellen niet meer vlot naar de hersenen trekken door de bloedhersen-barrière.
Doelgroep: In 50 centra in Europa en de USA tracht men 279 mensen met r.r.-MS te vinden om mee te doen. EDSS 0,0 - 5,5, 18-55 jaar. Kandidaten hebben een opflakkering gedaan het vorige jaar en hebben een aktieve MRI scan. Er dient vroeger behandeld te zijn met INF.B evenwel zonder succes.
Duur: 40 weken waarvan 24 weken met behandeling en 12 weken follow up met MRI scans.
Meer info bij Anne Bogaers – research nurse Biomed - 0032 11 26 93 95
Fase II: Titel: ATAMS - A four arm randomised, double blind, placebo controlled, multicentre Phase II study to evaluate the safety and efficacy as assessed by frequent MRI measures of three doses of atacicept monotherapy in subjects with relapsing MS over a 36 weeks treatment course.
Atacicept is een eiwit dat de stumulatie van B-cellen tegenwerkt. Het product dient 1x/week subcutran ingespoten. Men verwacht een krachtig afremmen van de MS-ziekteaktiviteit. Het produkt wordt ook geëvalueerd bij andere auto-immuunaandoeningen als Lupus(CSE), rheumatoïde artritis(RA), sommige B cel kankers en bij MS.
Doelgroep: relapsing MS - eventueel ook secundair progressief, 18-60 jaar, EDSS 0,0 - 5,5, met 2 opflakkeringen de laatste 2 jaar of 1 opflakkering het laatste jaar of een aktieve MRI scan.
Duur: 48 weken - waarvan 36 weken behandeling. Er worden in het totaal 9 MRI scans gemaakt.
Meer info bij Anne Bogaers – research nurse Biomed - 0032 11 26 93 95

